Artikelen

Publicaties > Artikelen

Minder is meerDossier Het grote geld

Vanaf 2005 heeft Psy de inkomens van ggz-bestuurders in kaart gebracht. Destijds was er al een adviesregeling van de Vereniging van bestuurders in de gezondheidszorg (NVZD) van kracht. Daarin was het directeursrinkomen gerelateerd aan de omvang van de organisatie en de functiezwaarte. Niet dat instellingen zich daar veel van aantrokken. Hoe was het anders te verklaren dat de topman van de grootste ggz-instelling op de 17de plaats van de top-30 stond en de directeur van een relatief kleine Riagg in de top drie? In 2009 legden de NVZD en de Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in Zorginstellingen (NTVZ) zich vast op een nieuwe beloningscode voor zorgbestuurders. Het brutosalaris werd begrensd op 190.000 euro en de ontslagvergoeding mocht hoogstens een jaarsalaris bedragen. En wederom was het de vraag of instellingen zich daar bij het vaststellen van het salaris van een bestuurder veel aan gelegen lieten liggen. Benoemingen toentertijd deden vermoeden dat toezichthouders zich niet altijd aan de code verplicht voelden.

Ook de politiek worstelt al jarenlang met dit dossier en de publieke verontwaardiging rond topinkomens. Eerst was er de Wopt, een tandeloze wet die instellingen verplicht de topinkomens te publiceren. Later legde een van de kabinetten-Balkenende een virtueel plafond in de salarispiramide van bestuurders (de Balkenende-norm) en het slotstuk is de wet normering bezoldiging topfunctionarissen (Wnt). Toch duurt het nog jaren, onder meer door de ruime overgangsregeling, voordat de topinkomens in de zorg werkelijk beteugeld zijn. Wel is het kabinet-Rutte-Asscher van zins de Wnt-normen aan te scherpen tot 100 procent van een ministersalaris. Waarbij de vraag blijft of een zorgbestuurder nou echt evenveel als een minister moet verdienen. Minder is meer, nietwaar!!

In het laatste nummer van Psy, medio 2012, heb ik nader onderzocht waardoor de salarissen almaar rianter werden. Ik stuitte op meerdere oorzaken: de omslag, in navolging van het bedrijfsleven, van het directiemodel naar het zogeheten raad van toezichtmodel (plotsklaps was een directeur een bestuurder geworden), de fusiegolven die de zorg vanaf de jaren negentig op zijn grondvesten hebben doen schudden en, niet te vergeten, de verplichte openbaarmaking van de inkomens van bestuurders. Maar de echte zwarte piet was waarschijnlijk toch de belangenorganisatie NVZD. In de woorden van oud-bestuursvoorzitter Hans de Bont van GGZ Noord-Holland-Noord: ‘De directeuren, en later bestuurders, stelden via de NVZD hun eigen salarisrichtlijnen vast. Daar werden keurige criteria voor opgesteld en met een tabel rolde daar dan een salaris uit. De raad van toezicht keek daar vervolgens naar en zei dan: dat lijkt ons wel reëel. Die spurt zag je ook in de psychiatrie. Vanaf medio jaren negentig ging het inkomen van bijvoorbeeld de riagg-directeuren enorm omhoog.’ (Machtsspel jaargang 16, 7)

Voor Psy bleef deze volhardende journalistiek niet zonder gevolgen. Het is geen geheim dat waar de werkvloer razend enthousiast was over de jaarlijkse publicatie van de topinkomens van de bestuurders in de ggz en de verslavingszorg, daar in de bestuurskamers heel anders naar gekeken werd. De Top-30 van 2011 heb ik in juli 2012 nog op psy.nl kunnen publiceren, maar daarmee was de koek op. Wie nu op www.psy.nl kijkt, ziet dat de uitgever, GGZ Nederland, met het blad en de site gestopt is.

2011 | Alle topinkomens bestuursvoorzitters ggz in 2011 op een rij Psy zette voor u alle topinkomens van bestuursvoorzitters in de ggz op een rijtje. 2012-07-11-De-Top-30-bestuurdersinkomens-van-de-ggz-in-2011 (PDF)

2010 Vertrekregeling bestuurders onder vuur (PDF) \

2009 Beloning topbestuurders ggz crisisbestendig (PDF)

2008 Grootverdieners zitten boven nieuwe salarisnorm (PDF)

2007 Ontslagbonus zorgbestuurder moet aan banden (PDF)

2006 Meer grootverdieners in de ggz (PDF)

2005 Grootverdieners in de ggz (PDF)

 

 

geheim geweld-afbeelding2012 Overlevers van kindermishandeling Wat is het lot van de meer dan honderdduizend kinderen die verwaarloosd, mishandeld of misbruikt worden? In de documentaire Geheim geweld… en nu? vertellen volwassenen over hun verwoeste jeugd. De film is gemaakt in opdracht van stichting Geheim geweld door tv-maker Catherine Keyl, die zelf als kind misbruikt is. Overlevers_van_kindermishandeling (PDF)

 

 

Zuid-Limburg

2012 Land van benzo’s en antipsychotica Hoe komt het toch dat Zuid-Limburg de ongezondste regio van Nederland is? Jaarlijks, rond koningsdag, ontvluchten we het centrum van Amsterdam en nemen we onze toevlucht tot het prachtige heuvelland. Op het eerste gezicht het land van het goede leven, lekker eten en een goed glas. Maar achter die idyllische facade van rust en romantiek, ontdekte ik in 2012, schuilt een bevolking die kampt met gezondheidsproblemen, armoede en vergrijzing. ‘Door de mijnsluiting is de sociale cohesie verdwenen’, stelt psychiater Chris Vleugels. Ongezond_Zuid-Limburg (PDF)

seksueel misbruik kerk2012 Nederlandse katholieke kerk kijkt weg In de jaren zestig heb ik zes jaar op een katholiek internaat doorgebracht, het toenmalige kleinseminarie Beekvliet in St. Michielsgestel, dat het opleidingsinstituut voor het bisdom Den Bosch was. Zelf heb ik – gelukkig – geen ervaring met voze priesters met losse handjes. Wel heb ik jarenlang last gehad van de naweeën van het ronduit antiseksuele klimaat op de kostschool: wie als hitsige puber betrapt werd op enige seksuele handeling met een leeftijdgenoot, werd door de leiding zonder pardon van school getrapt. Dat maakt het hele seksueel misbruikschandaal binnen de roomse kerk ook zo ironisch: officieel diende zo ongeveer alle seks uitgebannen te worden, maar onderwijl vergrepen de clericalen zich zonder schroom aan de aan hen toevertrouwde kinderen die geen kant uitkonden. Dit artikel heb ik met een soort duivels genoegen geschreven, want ook in de afronding en nasleep van dit wereldwijde schandaal betoonden de moraalridders van het roomse bastion zich de farizeeërs die ze in werkelijkheid zijn. In februari 2013 meldde de NRC dat het kindermisbruik de kerk in Nederland inmiddels rond de dertig miljoen euro heeft gekost. Dat het bedrag niet hoger ligt, komt goeddeels omdat de doortrapte prelaten zelf de regels bepaalden voor de schadevergoedingen. Het blijft een schaamteloos zooitje toffelemonen.

MentrumVlaardingenlaan2011 Een cliënt van de Jellinek vertelt Enkele jaren heb ik voor Podium, het personeelsblad van de Amsterdamse ggz-instelling Arkin geschreven – daarvoor ook voor zijn voorganger Plein. Ik verzorgde vaak de rubriek Een cliënt vertelt… Doorgaans liep dat prima, ik stelde vragen en de cliënt(e) gaf antwoord. Ook bij Jamie leek het gesprek van een leien dakje te gaan, ook al moest ik soms de woorden als het ware uit zijn mond trekken. Tot het moment dat hij het ineens zat was en me te kennen gaf dat hij er verder geen zin meer in had om op mijn vragen in te gaan. Zijn goede recht was dat zeker, maar ik zat er wel even mee in mijn maag. Tot ik bedacht dat ik zijn reactie gewoon in mijn artikel moest opnemen. Waarom zouden mensen per slot van rekening altjd maar keurig op vragen van nieuwsgierige journalisten moeten antwoorden!

Wijk en Psychiatrie2010 Warm onthaal in de wijk Ik werkte al jarenlang in Amersfoort, in het kantorencomplex bij het station. Maar pas toen ik deze reportage maakte, begreep ik uit eigen ondervinding dat het best een leuke plaats is. De medewerkers van het project Wijk en Psychiatrie ontvingen me met open armen en ook de cliënten met wie ik kenismaakte praatten honderduit. Enkele jaren later sprak ik nog de directeur van de welzijnsorganisatie die het project uitvoerde; van hem begreep ik dat Wijk en Psychiatrie zeker gecontinueerd zou worden. ‘Dat is echt een project waar we trots op zijn’, zei hij me. De vraag is alleen of dit voorbeeldige stukje welzijnswerk – de Utrechtse ggz-belangenbehartiger Huub Beijers noemde het in een interview met mij ‘vernieuwend’ – de kaalslag in de wijkcentra zal overleven. Zeker omdat de gemeente Amersfoort niet langer geld in ‘stenen’ wil steken maar in ‘mensen’.

Wolf Manus-afbeelding

Illustratie: Valezki & Rosanne Groeneweg

2010 Hyenas of beschermengelen Waarom moest de destijds 87-jarige Amsterdamse paragnost Wolf Manus zijn dagen slijten op een gesloten afdeling tussen diep demente patiënten? Werd hij psychisch mishandeld of juist beschermd tegen ‘op geld beluste hyena’s’? Zelden heeft een reportage me zoveel kopzorgen gegeven. In zekere zin kon ik er nog wel de humor van inzien dat ik voor het eerst van mijn leven door een overijverige manager uit een zorginstelling werd gezet. Dat gaf meteen de nodige reuring aan het verhaal. Maar wat me echt ontzettend veel kopbrekens heeft gekost was de vraag wie er in deze ‘zaak’ eigenlijk het gelijk aan zijn kant had. Zoals uit de repo blijkt, ben ik er niet uitgekomen. Over en weer beschuldigde men elkaar van van alles en nog wat en daar kwam maar geen eind aan. Weken ben ik ermee bezig geweest – de redactie besllot zelfs de publicatie een maand uit te stellen, zodat ik nog wat meer tijd had. Nadien was het leed voor Wolf Manus nog lange niet geleden – want hij was bij al die bemoeienissen letterlijk het lijdend voorwerp. Hij is later nog een keer ‘ontvoerd’ naar een particulier verzorgingshuis in Overveen, waar hij vervolgens weer weggehaald is door een complete politiemacht. Het laatste dat ik over hem gehoord heb is dat hij een appartementje bewoond in een goed aangeschreven particulier ouderenhuis op de Lauriergracht in Amsterdam – wel min of meer tegen heug en meug want naar verluidt wilde hij aleen maar naar zijn oude buurt, in Oud-Zuid.

begraafplaatsen-kruisen-afbeelding

Foto: Wim van der Spiegel

2009 Geen sterfdatum, geen naam, niets Nomen est omen. Het kan geen toeval zijn dat ik geïnteresseerd raakte in de manier waarop in gestichten opgenomen psychiatrische patiënten begraven werden. Patiënten die vroeger in een inrichting stierven, raakten hun ziel en zaligheid kwijt.Hun brein werd gelicht en niet zelden werden ze naamloos ter aarde besteld. In Venray en Eindhoven memoreert een kunstwerk deze vergeten geschiedenis. Begraafplaatsen_ggz-instellingen (PDF) Ook geeft GGzE in dat jaar gepaste aandacht aan de Joodse patiënten die in 1944 door de nazi’s naar de vernietigingskampen zijn gedeporteerd: Struikelstenen voor Joodse patiënten op GGzE. De afgelopen jaren zijn ggz-instellingen meer aandacht gaan schenken aan dit lange tijd verontachtzaamde verleden. Zo werd in 2010 de begraafplaats van GGNet in ere hersteld en kregen de doden hun naam weer terug: Overleden patiënten krijgen hun naam terug. Niet altijd verloopt dit proces in pais en vree. Bij GGZ Centraal ontstaat er in 2012 een groot meningverschil tussen het bestuur van de instelling en de stichting die zich over de begraafplaatsen van Landgoed Veldwijk ontfermd heeft: Confict over begraafplaatsen psychiatrisch ziekenhuis Veldwijk.

foto: Bureau Blanco

foto: Bureau Blanco

2008 Lastige kinderen leren opvoeden Al jaren is het adagium dat ouders beter bij de opvoeding van hun ‘moeilijke’ kinderen geholpen kunnen worden dan af te wachten tot het echt fout gaat. De vraag is alleen welke methode daar goed voor werkt. Want mehodieken zijn er te over. Het van ooorsprong Australische programma Triple P leek lange tijd een echte best practice. Dat was ook de reden dat ik destijds bij het Brabantse Herlaarhof en bij ouders ging kijken hoe dat in de praktijk werkt. Ik schrijf: leek, want in 2012 verschenen er berichten in de pers dat Triple P meer suggereert dan het waarmaakt. Micha de Winter, hoogleraar pedagogiek, betitelde het programma eerder als een vorm van gedragsmanagement dan als opvoedmethodiek. ‘Triple P is de McDonald’s van de opvoeding’, sneerde hij. Een heel andere benadering op opvoedingsproblemen hanteert het academische centrum De Bascule in Amsterdam.

beeld: Maartje van den Noort

beeld: Maartje van den Noort

Bij de methode die deze jeugdggz-instelling propageert, is het de ouder of opvoeder die zich anders moet leren op te stellen. Oorspronkelijk bedacht in Israël draait het hierbij om de kracht van geweldloos verzet. In 2011 mocht ik van nabij zien hoe ouders en groepbegeleiders worstelden om dit onder de knie te krijgen. Hun enthousiasme was er niet minder door: Stop woede met geweldloos verzet

foto: Maarten van Schaik

foto: Maarten van Schaik

2006 Gek in het gevang De eerste keer dat ik een cel van binnen zag, was in de nacht van 30 april op 1 mei in 1984. Het was ook geen gevangeniscel maar een cel op het beruchte politiebureau Warmoesstraat. Laat ik het erop houden dat ik met een dronken kop een auto van een snorder belaagd had. Hoe dan ook, ik werd voor een nacht opgesloten. Een boeiende ervaring moet ik achteraf zeggen. Ik had al wel eens gehoord dat je net zoveel op het belletje in je cel kon drukken als je wilde, geen bewaker reageerde daarop. En ja hoor, dat klopte precies. In 2006 mocht ik beroepshalve naar het bajescomplex in Vught. Ik waande me in een tijdmachine terug naar de negentiende eeuw, althans daar deed de fysieke omgeving me nog het meeste aan denken. Qua bejegening van de gedetineerden was er gelukkig wel veel vooruitgang geboekt. Toch was iedereen het er wel overeens dat gevangenen met een psychiatrische stoornis eigenlijk niet in het gevang thuishoren, ook al kende destijds Vught een zogeheten forensische schakelunit, die in veel opzichten meer op een kliniek leek dan op een gevangenisafdeling. Voor zover ik weet is er sindsdien nog niet zo heel veel veranderd: nog altijd heet het dat deze categorie gevangenen beter binnen de ggz opgenomen kan worden. Maar ja, ggz-instellingen zitten ook niet op een massale intocht van dit soort gevaarlijk volk te wachten. Want dat is wel duidelijk: het gaat niet om een klein groepje duidelijk te onderscheiden patiënten, maar om zeker tien procent – en dat zijn alleen de gedetineerden met een indicatie – van alle 18.000 gevangenen. Feitelijk is het probleem volgens een rapport van de Raad voor Strafrechttoepassing en jeugdbescherming uit 2012 nog veel groter: naar schatting heeft ongeveer de heflt van de gevangenispopulatie een persoonlijkheidsstoornis, kampt rond de veertig procent met verslaving en heeft vijftien procent een verstandelijke beperking. Ga daar maar eens aan staan!

Foto: Stijn Rademaker

Foto: Stijn Rademaker

2005 In balans door rust, regelmaat, mirre en goud In dat jaar schreef ik een reportage over de antroposofische ggz- en verslavingszorg instelling, de Arta Lievegoegroep. Dat jaar was het honderd jaar geleden dat de oprichter Bernard Lievegoed geboren werd. Rust__regelmaat__mirre_en_goud_-_De_antroposofische_kliniek (PDF)

 

 

 

Foto: Peter van Beek

Foto: Peter van Beek

2004 Erotisch ‘relaxen’ voor 100 euro Erg leuk vond ik het om deze reportage te maken. Seks was destijds – en tegenwoordig wellicht nog steeds – een moeizaam onderwerp binnen de psychiatrie. De Maaskring Groep – tegenwoordig onderdeel van Pameijer – in Rotterdam besloot daar wat aan te doen en richtte een bemiddelingsbureautje op voor seks en erotische dates voor psychiatrische cliënten. De foto’s zijn speciaal voor deze repo gemaakt. Niet alle lezers van Psy waren daarvan gecharmeerd. Ik herinner me dat de redactie er zeer opgewonden brieven over binnenkreeg.

 

 

Foto: Erwin Olaf

Foto: Erwin Olaf

1990 Voorbij het risico wenkt de extase. Een essay over seks, rationaliteit en grensoverschrijding Het was de tijd van ‘het grote sterven’, vrienden en bekenden vielen de een na de andere weg, we zaten midden in de aidscrisis. Toch kon ik me niet aan de indruk onttrekken – of was het een onderhuids gevoel? – dat die vreselijke tragedie bij sommigen – bij mezelf? – een soort erotische spanning opriep die niet simpelweg met rationele argumenten weg te verklaren viel. De publicatie van dit essay in het blad Homologie, waarvan ik destijds eindredacteur was, viel samen met de fantastische manifestatie Seropositive Ball in de Amsteramse cultuurtempel Paradiso. In een forum heb ik daar toen ook een korte presentatie gegeven over het essay. Een reactie van een bevriende bezoeker van het Ball staat me nog altijd bij. ‘Wil je soms ook dood’, vroeg hij me enigszins onthutst. Neen, dood wilde ik zeker niet. Wel was ik erg gefascineerd door de vraag waarom mensen soms via seks en erotiek de dood lijken te tarten.